De lofprijzing van Jezus

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 233 niet laden
Tijdens zijn aards leven heeft Jezus een steeds dieper inzicht gekregen in het heilsplan van God. Hij was opgevoed in de Joodse traditie en in de trouw aan de wet. Maar meer en meer is Hij tot het inzicht gekomen dat God zorg draagt voor de kleine mens, dat Hij zoekt wat verlo-ren is, dat Hij van de mens geen prestaties verwacht maar enkel vertrouwen. Daarvoor prijst Jezus zijn hemelse Vader, die dit alles verborgen heeft voor wijzen en verstandigen en dit openbaart aan de kleinen.

Met wijzen en verstandigen bedoelt Jezus zeker de farizeeën en schriftgeleerden, die hun heil verwachtten van een minutieuze vervulling van de wet, zich daarom boven de anderen stelden en dachten dat zij zich zelf door hun heilig leven redden konden. De kleinen zijn de armen van geest, die op niets kunnen roemen, en daarom, arm en machteloos als ze zijn, zich alleen aan Gods goedheid kunnen toevertrouwen.

'Ja, Vader, zo heeft het U behaagd'. Deze omkering van waarden was reeds aangekondigd in het magnificat van Maria: 'Heersers ontneemt Hij hun troon en Hij verheft de geringen'. Niet meer de koningen, de machtigen en de rijken hebben voorrang bij God, maar de sukkelaars, zij die te kort komen, die troost en aandacht nodig hebben, staan onder Gods bijzondere zorg. God schenkt hun zijn vreugde en zijn heil. Misschien kan men het zo zeggen: God wil de mensen zijn rust, zijn zegen en geborgenheid schenken. Het onheil bereiden de mensen zich zelf, in zover zij Gods gaven niet willen aannemen. Wijzen en verstandigen zijn zij die alles hebben, die denken niemand anders nodig te hebben, die zelfgenoegzaam zijn.

Als Jezus dan zegt: 'Komt allen tot Mij, die uitgeput zijt en onder lasten gebukt, Ik zal u rust en verkwikking schenken', dan is dat met een belofte, een toezegging van liefde. Het zijn woorden van liefde waarin Gods zorg voor de mensen, die zich om Jezus verzameld hebben, zich uitdrukt en realiseert.

Mijn juk is zacht, zegt Jezus, want het bestaat niet meer uit alle mogelijke wettelijke verplichtingen, geboden en verboden. Hij wil niet zoals de schriftgeleerden aan de mensen onnodige lasten opleggen, die zij zelf met geen vinger willen aanraken. Jezus weet ook dat het leven veel last en pijn met zich brengt. Hij zegt hier ook niet: "Ik zal de lasten van jullie wegnemen". Hij belooft wel dat Hij die lasten zal verlichten. Hij brengt licht in het lijden door zijn aanwezigheid. De navolging van Jezus blijft een last, maar een last die wij niet alleen hoeven te dragen. We zullen rust vinden in het woord: werp al uw zorgen op de Heer, Hij draagt zorg voor u.

Mocht de Kerk die woorden van Jezus ook op zich zelf toepassen. De Kerk zou een thuis moeten zijn waar allen, die uitgeput zijn en onder lasten gebukt, rust en verkwikking mogen vinden. De Kerk mag de mensen geen onnodige lasten opleggen, hen niet terneerdrukken. Zij moet de mensen in deze tijd een lichtpunt weten te geven door hen te verwijzen naar de beloften van de Heer.