Waarom? 2003

Pap, waarom gaan alle mensen dood? En, mam, waar gaan alle mensen naar toe als ze dood zijn? Oma, hoe komt het dat er bergen zijn? En hoe kan de zon weten wanneer ze moet schijnen? Opa, waarom is oma al zo lang ziek?

Vragen…vragen en nog eens vragen. Kinderen stellen soms moeilijke vragen. En antwoorden geven, stelt ons voor moeilijke problemen. Ja……eh….. nou….. Stotteren en stamelen. Kinderen vragen niet zomaar een antwoordje. Nee, graag zouden ze het antwoord willen weten. Net als wijzelf. Het antwoord op alle vragen. Net zoals Job uit de eerste lezing. Hij kent vruchteloze maanden en nachten van getob. ’ S Avonds denkt hij wanner wordt het nou eens eindelijk morgen en ’s morgens denkt hij was het vast al maar avond. Hij wordt er helemaal depressief van. Antwoorden op zijn gepieker en getob zijn er niet, zoals er ook geen antwoorden zijn op al die vragen naar het waarom van ziekte lijden en pijn.

Vroeger meende de kerk wel dat ze alle antwoorden had. Waartoe zijn wij op aarde en als uit een mond klonk het: “ Om God te dienen en daardoor in de hemel te komen. Ziek zijn kon dienen als beproeving of als een straf voor wat je verkeerd gedaan had. In de tijd van Job zelfs een straf voor wat je voorouders verkeerd gedaan hadden. En als er helemaal geen antwoord meer was, dan was er altijd nog de uitspraak: Gods’ wegen zijn ondoorgrondelijk! Al die verklaringen en antwoorden hielpen de mensen niet vooruit. Het waren menselijke antwoorden en woorden, die God in de mond werden gelegd. Als we iets van God willen horen over lijden of ziek zijn over al die moeilijke vragen van het leven dan moeten we helemaal terug naar de woorden en daden van Jezus zelf, die door zijn hele leven heen liet zien wie God was, is en blijft ook voor ons. Job vindt geen antwoord, maar blijft op de mesthoop en met zweren overdekt op God vertrouwen hoe moeilijk hij dat ook vindt. De mensen in zijn omgeving staan er versteld van. Iedereen dacht dat Job uiteindelijk wel zou toegeven dat die God van hem niets kon, niets kon toevoegen, niets kon veranderen.

Nee, God verandert ook niets. Helemaal niets. God geneest geen kankerpatienten, veroorzaakt geen dood en verderf. God wil geen oorlog in het Midden-Oosten en wil ook niet dat wie dan ook met Zijn naam op de lippen de oorlog ingaat. Wat Hij wel wil, zien we aan Jezus ook in het evangelie van vandaag en eigenlijk elke keer als we er in lezen. Jezus gaat naar de zieke schoonmoeder van Petrus. Men brengt zelfs mensen bij hem die lijden en die bezeten waren door wie of wat dan ook.. En Jezus troost hen, was dicht bij hen en er ging een enorme kracht van Hem uit. Zo geeft Jezus door zijn woorden en daden zicht op wie God is. Geen wonderdoener, geen tovenaar, maar een God die van mensen houdt, die hen bemint wat hen ook overkomt hoe ver ze ook van hem weggelopen zijn, een God die dicht bij mensen wil zijn. En Jezus staat zo dicht bij God dat Hij Gods’ kracht uitstraalt, verder schenkt en deelt met meteen een opdracht erbij: Ga en doe maar zo.…!

Waarom is er lijden, verdriet, oorlog en pijn? Waarom worden mensen gekwetst, alleen gelaten? Maar ook waarom schijnt de zon, waarom zijn mensen goed voor elkaar, gaat het in onze parochie zo fijn? Vragen waar lang niet altijd een antwoord op is. Samen zoeken met je kinderen of kleinkinderen, zeggen dat je het ook niet weet, maar er soms verdrietig en soms blij om zijn en het verhaal vertellen van Jezus, die laat zien dat God vooral dicht bij mensen wil zijn: bij U bij jou bij ons allemaal als we verdrietig zijn en als we blij zijn als we wat dan ook te delen hebben. Waarom…? Daarom dus! Amen.