In de tijd tussen Hemelvaart en Pinksteren

Na het heengaan van Jezus hebben zijn leerlingen en vrienden in het cenakel de eerste pinksternoveen meegemaakt. De heilige Geest is gekomen. Maar we blijven bidden dat hij komt en ons aanvuurt.

De Charismatische Beweging zorgt er al veel jaren voor dat christenen de pinksternoveen intenser beleven.

In zijn afscheidsrede heeft Jezus bij zijn leerlingen erop aangedrongen ontvankelijk te zijn voor de Geest die hij belooft en die komen zal. Hij vraagt hen om te zorgen voor de eenheid.

Het eenvoudig gebed Kom heilige geest kan dit verlangen aanvuren: Kom heilige geest, vervul het hart van uw gelovigen en ontsteek in hen het vuur van uw liefde. Wij kunnen het deze dagen met meer aandacht uitspreken.

Tot de liederenschat van Taizé behoort het Veni, Sancte Spiritus, Een mantra-achtig lied bestaande uit een zin van drie woorden. Een ander kort lied vraagt om Gods adem in ons. Atme in uns, Heiliger Geist, atme in uns. Het wonder van de adem, die we delen met al wat leeft en zijn oorsprong heeft bij God.

‘Adem in mij, Heilige Geest, opdat ik denk wat heilig is.

Stuw mij, Heilige Geest, opdat ik doe wat heilig is.

Verlok mij, Heilige Geest, opdat ik bemin wat heilig is.

Sterk mij Heilige Geest, opdat ik bescherm wat heilig is.

Bescherm mij, Heilige Geest, opdat ik het heilige nooit verlies.

(Augustinus).

Anderen hebben een voorkeur voor liederen uit de Emmanuel beweging en zingen met Schwung:

Viens esprit de sainteté

Viens esprit de lumière

Viens esprit de feu

Viens nous embraser

Fais-nous connaître l'amour du Père

Et révèles-nous la face du Christ.

We vergeten niet de twee Latijnse gregoraaise gezangen, eigen aan Pinksteren: Het Veni creator en de sequentie Veni, sancte spiritus, die gezongen wordt op Pinksteren na het alleluja en voor het evangelie. We kunnen, deze gulden sequentie, zoals ze in de Middeleeuwen genoemd werd, rustig beluisteren.

Ze is een van de vijf sequenties bekend in de liturgie, naast de mooie paassequentie: Victimae paschali laudes, de sequentie op Sacramentsdag: Lauda Sion Salvatorem, het Dies irae, sequentie in de Requiemmis; en het Stabat mater op het feest van O. L. Vrouw van Smarten.

In voorbereiding op her feest van Pinksteren kunnen we ons verlangen aanwakkeren met gedachten en woorden uit deze Pinkstersequentie. Het is een oud lied, uit het dertiende eeuw. De auteur is wellicht San Langton, aartsbisschop van Canterbury ((±1150-1228), Of komt het lied van paus Innocentius III (1161-1216)? De dichter ervan heeft voor ogen wat Paulus schreef over de gaven en de vruchten van de Geest Paulus somt er negen op: “De vrucht van de Geest is liefde, vreugde, vrede, geduld, vriendelijkheid, goedheid, trouw, zachtheid, zelfbeheersing. Als wij leven door de Geest, laten we ons dan ook gedragen volgens de Geest” (Gal 5,22-23a, 25). De hymne bevat tien strofen van drie regels. We bidden in deze hymne ook om de zeven gaven van de Geest, opgeroepen bij de profeet Jesaja (Jes. 11:2-3).

Geef uw gaven zevenvoud

Ieder die op U vertrouwt,

Zich geheel op U verlaat.

De dichter ziet de Geest als licht, als een kracht die het al doordringt, als een gastheer, als de grote Trooster.

Bidden tot de Geest is erkennen dat ik niet alleen ben en niet degene die alles dirigeert en het centrum van de wereld is. Ik ben op anderen aangewezen en gedragen door de Drie-ene God. Biddend staan we open voor de Geest en laten ons ons door hem doordringen. Het gebed om de Geest van hierboven die in ons komt, heeft verband met het lied in de Adventstijd, het Rorate caeli. Ook in dut adventslied bidden wij tot God van hierboven en buiten mij dat hij komt op deze aarde, dat zijn gerechtigheid neerdaalt en ons troost.

Kom o Trooster, Heilige geest,

Zachtheid die de ziel geneest

Kom verkwikking zoet en mild.

Wij staan voor God als bedelaars.

Ernst Barlach (1870-1938); de Duitse beeldhouwer van het schone beeld van de ontmoeting van de verrezen Jezus met Thomas, maakte een aantal beelden en tekeningen van bedelaars. Hij had er velen ontmoet tijdens een verblijf in Rusland.

De bedelaar was voor hem het symbool van de menselijke situatie in al haar naaktheid tussen hemel en aarde. Zijn wij dan allen bedelaars aangewezen op de aandacht en de liefde van de ander? “Alles verliezen, niets zijn, niets hebben en toch weten dat God God is, daar komt het op aan.” De kunstenaar schreef; “Ich habe keinen Gott, aber Gott hat mich.”

Wij hebben moeite met dit beeld van de bedelaar. Wij willen immers zelfstandig zijn, van niets of niemand afhankelijk. Niemands knecht en niemands meester.

De religieuze mens weet zich echter verbonden, aangewezen op de genade van de Ander. Wij staan voor God in leegte en gemis. Wir sind Bettler, das ist wahr. Dit zou een van laatste uitspraken zijn van Mariin Luther. Hij zou ook gezegd hebben; „Wir Christen sind Bettler, die anderen Bettlern zeigen, wo es Brot gibt.“ “Wij zijn bedelaars die aan andere bedelaars tonen waar er brood is”

Daarom bidden wij als armen in gemeenschap met onze broeders en zusters:

Kom der armen troost, daal neer,

Kom en schenk uw gaven, Heer,

Kom wees in de harten licht.

Met de middeleeuwse benaming Tafel van de heilige Geest kreeg ook de toenmalige zorg voor armen gestalte. Deze tafels van de heilige Geest zijn de voorlopers van de Commissies van Openbare Onderstand en de huidige Openbare centra van Maatschappelijk Welzijn.

De Geest is aan het werk waar we armen bevrijden, nood lenigen, onrecht aanklagen en verdrijven.

Genees wat is verwond

In de Pinkstersequentie bidden we tot de Geest dat hij geneest wat is verwond.

Was wat vuil is en onrein

Overstroom ons dor domein

Heel de ziel die is gewond.

Ziel en lichaam, zij kunnen beide gewond zijn. De Geest die geneest, zo noemen we hem ook in het Veni Creator.

L’Oppedale del Spiritu santo in Rome, dicht bij het Vaticaan ,was een van de oudst hospitalen in Europa. Hospitalen van de Heilige geest waren en zijn ook op andere steden in Europa. Is het een verwijzing naar de pinksterhymne? In ieder geval een teken dat de Geest ons aanzet om lijden te verzachten. Heel vlug waren christenen in Rome bekend om hun inzet voor zieken.

Op het concilie van Nicea werd het de bisschoppen aangeraden om in steden te zorgen voor opvang van zieken en pelgrims.

Tijdens deze pinksternoveen kunnen we elke dag deze sequentie beluisteren, ons verdiepen bij een van de strofen van dit lied en aan de heilig Geest vragen:

Sta ons met uw liefde bij

Dat ons einde zalig zij

Geef ons vreugde die niet vergaat.

Wij kunnen ook een persoonlijk gebed neerschrijven of de hymne op onze wijze vertalen zoals H. Oosterhuis het heeft gedaan.

Hierheen, Adem,

steek mij aan

stuur mij uit jouw verste verten golven licht.

Welkom armeluisvader,

welkom opperschenker,

welkom hartenjager.

Beste tranendroger,

liefste zielsbewoner,

mijn vriend, mijn schaduw.

Even rusten voor tobbers en zwoegers,

voor krampachtigen een verademing,

ben je.

Onmogelijk mooi licht,

overstroom de afgrond van mijn hart,

jou zo vertrouwd.

God ben jij,

zonder jou is alles nacht en ontij,

wreedheid, schuld,

maar jij maakt schoon.

Verflenst mijn bloem - geef water

zalf mijn wonden.

Stijf sta ik, toegang verboden,

ijzig. Ontdooi mij, koester mij.

Vreemd ga ik, zoek mij.

Ik zeg: ja, jij, doe nee.

Vergeld mijn twijfel met vriendschap

zevenmaal duizendmaal.

Niets ben ik zonder jou.

Dood wil ik naar jou toe.

Dan zal ik lachen.